Weg uit Venezuela?

Drie weken was ik weg uit Venezuela. Met als doel om mijn Spaans te verbeteren, samen met Olaf. We gingen voor een intensieve cursus naar Cartagena, Colombia. We spraken er veel Venezolanen.

Straatventers.

s' Avonds na de lessen struinen we door de straatjes. Als vanzelf bewegen we mee op het ritme van de salsa die uit iedere deuropening klinkt. Om de twee meter wil iemand iets aan ons kwijt.

”Agua, agua, servezas. Bienvenido, andelante. Amigos, cigarillos, cigarros? Need coffee? Very good coffee."

We slenteren tussen de straatventers door. Ze dringen niet erg aan. Het zijn vooral veel Venezolanen. Je ziet ze overal op straat, in de bediening, als verkopers in de winkels, onder de bomen in de parkjes.
Op ons favoriete pleintje luister ik naar hun opgewekte verhalen. Na een week herkennen we de vaste bezoekers. Als ik doorvraag, blijkt hun situatie helemaal niet zo zonnig.

IMG_6039.JPG

Achter iedere glimlach een verhaal.

David bijvoorbeeld, verkoopt drankjes. Net als vele anderen, op een bruisend pleintje. Hij danst met zijn piepschuimen koelbox over zijn schouder tussen de straatartiesten door. Als vaste klant hoef ik niet meteen te betalen. Zijn 17-jarige echtgenote rekent later af.
Samen verlieten ze 8 maanden geleden Venezuela in een open vrachtwagen. Met ieder een tas en idealen. "Waar hoop je op?" vroeg ik. Hun dromen hebben ze ondertussen bijgesteld. Van geld verdienen om achtergelaten familie te ondersteunen naar voldoende cash voor een overnachting in een afgelegen hostel.

IMG_5479.jpg

“In Colombia hadden we die problemen vroeger ook, daarom vertrok ik naar Venezuela.”

Alvarez liet voor de tweede keer alles achter om in z’n eentje opnieuw te beginnen. Hij was zelfstandige in de toeristenbranche. Nu verkoopt hij koelkastmagneetjes en wacht op een vergunning. Hij hoopt hier als gids te kunnen werken.

Goedkope werknemers

Jesús, Vincent en Jordi werken in het kleine café aan Placia de Madrid. We komen er elke avond langs op weg naar ons onderkomen. Alleen de eigenaar is Colombiaans.

"Amigos, como estan?" Op straat worden we door Jesús op de schouder getikt. Zijn werkgever heeft hen allemaal ontslagen. Nu werken er verse vluchtelingen. Ze denken dat de nieuwkomers voor nog minder geld willen werken. Als het aanbod op de arbeidsmarkt toeneemt, dalen de lonen drastisch. Het aantal werkzoekenden uit Venezuela stijgt dagelijks. Lokale mensen komen nauwelijks nog aan de bak. De vluchtelingenstroom is een probleem voor heel Latijns- Amerika.

De laatste avond slenteren Olaf en ik samen langs de kleurrijke panden. Het voelt alsof we niet uit Venezuela zijn weggeweest. Behalve dat je hier zonder angst over straat kunt. Zelfs midden in de nacht.

"Hola, mi Amor."

Een schaarsgeklede schoonheid gaat voor ons staan. Ze laat de rug van haar hand langzaam langs Olaf’s arm afglijden. De zwoele blik verdwijnt onmiddellijk van haar gezicht als hij onze handen omhoog houdt. Ze is nog zo jong.

Hoe gaan ze dat oplossen?

Het blijft me bezighouden. De Venezolanen ontvluchten hun vaderland. Ze zoeken allemaal een beter leven. Zouden ze hier in Colombia nu echt zoveel beter af zijn? Wat voor een toekomst wacht hen hier?